Franse Ardennen (Monthermé, Fumay, Givet) 2012        Camperplaatsen

                                        België (Les Lacs de l'Eau d'Heure)    

 

 

Maandag 2 april 2012

Vooraleer naar de Franse Ardennen te rijden gingen we eerst nog naar de outdoor shop McTrek in Trier, dus eerst naar de Moezel om ons daar te plaatsen op de camperplaats Treviris. In de namiddag hebben we dan een wandeling gemaakt langs de Moezel om zo deze aan de Römerbrücke over te steken en zo verder te wandelen langs de boulevard de plaats te bereiken waar de verkeersarme zone begint om de het oude stadsdeel te bezoeken. Vermits we hier nog onlangs geweest waren kwam het ons dan ook vrij bekend over. Het was vandaag een mooie zonnige dag dus de sfeer zal er behoorlijk in , veel dagjesmensen, goed gevulde terrasjes. Na een hele poos zijn we dan teruggewandeld naar de camperplaats en konden we nog een beetje nagenieten in het zonnetje.

 

Dinsdag 3 april 2012

Vandaag zou de Paasuitstap eigenlijk van start gaan, want nu ging het naar onze bestemming van het verlof, de Maasvallei. Als startpunt kozen we het stadje Monthermé uit, we plaatsten ons op de camperplaats in het centrum langs de Meuse. In dit stadje waren we van plan om een paar wandelingen te doen, ik had thuis al wat rond gesurft en een paar wandelingen en bestemmingen uitgeprint. Aan de camperplaats was er een frituur waar er een gezellige drukte heerste, dus vandaag moet er niet gekookt worden beloofde ik Marina.

 

De eerste wandeling die geprogrammeerd stond was de “Lus van de zeven Rotsen” of in het Frans La Boucle des 7 Roches een trip van zo’n 10km, hier zouden we als amateurs zeker 4 uur mee zoet zijn. Dus met een volle rugzak goede moed vertrokken we, de zon was reeds van de partij dus dat was al een goed begin. Eerst gingen we een stukje door het dorpje om dan op een bepaald moment de bossen in te trekken, waar we oude pad van de steenhouwers namen we passeerden een  voormalige steengroeve en zo verder de Col Bayard. Nu kon je kiezen om verder langs de flanken te gaan of het pad te nemen door de rotsen. We kozen voor het leukste maar ook tevens het vermoeiendste, de tocht langs, over en soms precies wel onder de rotsen door.

 

 

 

We hadden zeker de beste keuze gemaakt want hier kregen we verschillende mooie vergezichten voorgeschoteld, ook zagen we verschillende grote rotsblokken met hier en daar een schittering van bergkristal of was het maar verbeelding.
 

 

Na een hele poos wandelen of klefferen zoals Marina al een tijdje aan het zeggen was, zagen we in de verte het monument van de “vier Heemskinderen” staan. Ondanks dat er hier een groot aangelegd plein “Platelle” lag met diverse zitbanken, was er niemand te bespeuren en hadden we het rijk hier voor ons alleen. Na een tijdje op een bankje uitgerust te hebben, hebben we de trappen naar het monument genomen en zo van dichtbij was het een redelijk groot uitgevallen beeldhouwwerk. Van op het hooggelegen terras hadden we een mooie zicht op de ondergelegen dorpje Château-Regnault.

 

Rocher des Quatre-Fils-Aymon

 

Voor het verder zetten van onze wandeling moesten we de berg afdalen langs één van de vele padjes naar de oever van de Maas, eerst door de kleine straatjes en dan de brug over. Eenmaal de brug is het misgegaan en zijn we van het juiste pad afgedwaald, we kwamen ook de wit/rode markering niet meer tegen, enkel een rode streep. In plaats van terug te keren dachten we om dit gedurende de verdere tocht te corrigeren door nu en dan een stukje te klimmen, want nu volgden we de wandelweg langs de Maas en de te volgen weg van de wandeling zou normaal hoger moeten liggen. Een paar keer hebben we een poging gedaan om te klimmen maar het was onbegonnen werk. Struiken en de dichte begroeiing belette ons voldoende te stijgen zodat we de wandelpad niet meer terug zagen en we maar besloten zo verder te wandelen langs het water.

 


Uiteindelijk kwamen we weer bij de mobilhome aan en het eerste wat me opviel, de frituur was gesloten. Het was een zeer mooie wandeling geweest, echt wel jammer dat het misging na de brug over de Maas te Château-Regnault.

Dus besloten we dat we hier later nog eens terug zouden komen voor deel twee van de wandeling: Lus van de zeven rotsen. Maar dan langs het water naar Château-Renault, de brug over en een beetje meer opletten. Bij een frisse pint werd ik er door Marina een paar keer aan herinnerd dat ze vandaag niet moest koken en schudde een paar keer richting frituur, ja ik weet het, die frituur gaat straks wel terug open. Zo rond half zeven begon ik me toch ongerust te maken en toen de klok zeven uur sloeg gaf ik de hoop op een goede zak frietjes op en zette zelf de koksmuts op. En zo kregen we een half uurtje later een heerlijke Italiaanse spaghetti bolognese opgediend, al kwam de saus uit de diepvries. Hier nog een flesje rode wijn bij en de geplande frietjes waren vergeten. De afwas is voor morgen want het is een vermoeiende dag geweest. Omstreeks middernacht werden we wakker door een hels onweer, donder, bliksem en het water viel met bakken naar beneden, straks spoelen we nog mee met de Maas hier achter ons richting Givet. Het gekletter van dikke regendruppels en soms wel kleine hagelbolletjes op het dak van de mobilhome hielt ons toch een hele poos wakker.

 

Woensdag 4 april 2012
Het was die ochtend erg mistig ge zag bijna niet de overkant van de Maas, dus laten we hopen dat het straks wat opklaart. Deze voormiddag zouden we nog in Monthermé blijven want er waren nog een paar plaatsjes die we graag zouden verkennen. Één ervan was het “Roc la Tour”. Ik had ergens gelezen dat je er kortbij kon gaan staan op een parking, dus de coördinaten van deze parking ingegeven en weg waren we. Op weg naar daar begon het al wat op te klaren en kwam zelfs de zon een beetje te voorschijn. We passeerden het bordje Roc de la Tour en reden naar boven langs een kronkelend smal straatje, en ja daar was de parking. Er stond reeds een camper, ook Belgen, maar ze waren reeds gaan vliegen of beter gezegd gaan wandelen. De regen van de afgelopen nacht had de grond wat drassig gemaakt, dus dan maar onze stevige wandelschoenen aan en weg waren we. Na een tijdje wandelen kwamen we op een plaats waar er nogal veel grote rotsblokken lagen, kriskras door elkaar maar ook precies op elkaar gestapeld.


Een beetje opzoek werk leverde mij volgende uitleg over "Roc la Tour"

 

Er was eens een edelman met een vrouw, die zo mooi was als de dageraad. Maar hij was erg arm en daardoor wanhopig: hij kon haar slechts een armzalig hutje als woning bieden. Hij droomde van een prachtig paleis voor zijn vrouw, dat zou moeten komen vlakbij de plek waar hun hutje nu stond, want hij woonde daar schitterend: in de diepte van een bergengte, waar de rivier de Semoy rondom de rotsen, de bomen en de bloemen spoelde. De edelman verlangde voor zijn prachtige vrouw een verblijf dat haar schoonheid eer aandeed. Ze had de houding van een godin, een soepele frêle gestalte, hemelsblauwe ogen en albasten schouders waar haar goudblonde lokken zich overheen vlijden als de stralen van de zon.

Om van zijn grote liefde te getuigen was hij, ondanks dat hij van adel was, begonnen om eigenhandig het kasteel van zijn dromen te bouwen, bovenop de heuvel, waar het uitzicht adembenemend was. Maar omdat hij van zijn voorouders even weinig moed als geld had geërfd, had hij zijn stoutmoedige plan al snel weer opgegeven. Hij bedacht trouwens, heel bijdehand, dat een heel leven nog niet genoeg zou zijn om die bouwplannen te verwezenlijken. Hij zat daarover in een hoekje bitter te treuren, toen hij bezoek kreeg van een eigenaardig kereltje dat hem als volgt aansprak:
-Deftige Hooggeboren Heer, ik heb over je problemen gehoord en ook dat je uit liefde voor je vrouw een kasteel zou willen bouwen dat haar schoonheid waardig is.
Ontroerd en een tikje in de war antwoordde de edelman:
-Oh, vreemdeling, hoe heb je dat nou toch kunnen raden?
-Wil je dat graag weten, vroeg de reiziger, of wil je liever je wens vervuld zien? Ik dacht maar zo dat mijn tweede voorstel je wel meer zou interesseren dan het eerste. Ik doe je een aanbod: op de hoogste bergtop van dit prachtige gebied bouw ik voor jou een kasteel dat alle andere edellieden van de Ardennen groen zal doen zien van jaloezie. In minder dan één nacht, voor het kraaien van de haan, zal het daar boven op gindse heuvel verrezen zijn. In ruil voor mijn hulp vraag ik maar één ding: je ziel.

De Landheer dacht even na en dat overkwam hem niet vaak. Omdat hij de hele dag niets anders deed dan met bewonderend open mond naar zijn vrouw te zitten staren, had hij nog nooit nagedacht over de ernstige vraagstukken van het leven. Nu vernam hij ineens dat hij een ziel had en dat hij daar zijn voordeel mee zou kunnen doen… Hij nam snel een beslissing:
-Oh Satan, Heer van mijn Wanhoop, laten we dat dan maar doen!

Bij het beverige schijnsel van de dwaallichten werden alle dienaren van de Heer van de Duisternis bij elkaar getrommeld uit de grotten en spelonken in de Ardennen. Ze werden zonder dralen aan het werk gezet op die hoge berg. Trossen kobolden hingen al puffend en zwetend tegen de steile hellingen. Er doken akelige behaarde figuren en gemene vrouwspersonen uit alle bossen van de Ardennen op. Uit de grotten wervelde een stroom van aardmannetjes omhoog en uit de richting van Hautes Fagnes naderde door de lucht zelfs een stel kakelende heksen, die net sabbat hadden gevierd. De kobolden en saters raakten buiten zinnen van de lugubere rauwe kreten van de nachtvogels die in dolle vlucht over het bouwterrein scheerden en er hun grillige schaduwen over lieten vallen. Bij elke zwaai van een bijl stortte een eeuwenoude eik ter aarde. De bruine rotsen barstten onder het geweld. Een groot stuk bos werd zo weggemaaid. In een adembenemende dans van vallend hout werden vele vogelnestjes vermorzeld en duizenden paniekerige piepgeluidjes klonken daaruit op, als een teer zuchtje in deze formidabele doodsstrijd. Adders werden ruw uit hun slaap gewekt en kronkelden en sisten. De helse arbeiders hesen met veel geschreeuw en gebrul de losgehakte blokken steen naar het hoogste punt. Satan dirigeerde de werkzaamheden en was overal tegelijk.

De mensen uit Haulmé en Tournavaux, die opgeschrikt werden door het lawaai, kwamen uit hun bed en ontstaken hun olielampjes. Ze gingen stilletjes van deur tot deur en baden angstig tot God en de Heilige Maagd. Toen kwam er opeens een toverkol, die voor de ingang van haar grot had zitten knikkebollen, het dorp binnenvliegen op haar rituele bezemsteel. Ze stonk naar smeerseltjes en kakelde als een ouwe soepkip. Woest zwaaide ze met het boek vol mysterieuze tekens waar ze haar gruwelijke macht aan te danken had. Met haar stem, die net zo kraakte en snerpte als de poorten van de hel, schreeuwde ze een serie vervloekingen. Zodra de dorpelingen haar alleen al roken, haastten ze zich wit van schrik en een kruis slaand naar binnen.

Het kasteel kreeg al vorm, het werd erg imposant en groots en vulde de hele bergtop. Het vormde er als het ware één geheel mee, alsof het kasteel uit de rots kwam groeien. Satan hield zijn belofte. Nog nooit eerder had men een dergelijke toren gezien, niet op aarde en ook niet in de Ardennen.

Satan groeide in hetzelfde tempo als de muren, hij barstte van trots. Hij brulde en siste en deelde bij wijze van aansporing de afgepeigerde saters rake schoppen uit met zijn bokkenpoten. Satan genoot. Hij barstte in afwachting van de dageraad bij voorbaat in hoongelach uit. Duiveltjes hadden met tangen gloeiende kolen uit de hel getrokken en daarmee grote vuren aangestoken. Satans lange zwarte silhouet tekende zich af op de geweldige massa opgestapelde huizenhoge stenen.
Er moest nog slechts één steen bovenop geplaatst worden en dan was het af.

Maar de haan van de naburige boerderij, die wakker geworden was van het lawaai en het licht van de vuren, zette triomfantelijk zijn roodgevederde borst op en daar schalde een glorieus ‘kukeleku’. De boeren, die dit gekraai opvatten als een teken van opstanding, kwamen rillerig onder hun dikke rode donsdekken vandaan. Daar stonden ze toen, op de drempel van hun voordeur: de in sjaals gehulde vrouwen en de mannen met hun slaapmuts nog op, als aan de grond genageld door wat ze te zien kregen.
Want in één woedende klap vernietigde de duivel het werk van de hele nacht. Hij koos gezwind het hazenpad en waar hij voorbij kwam, stonk de vallei nog lange tijd naar zwavel. De mensen van Haulmé en Tournavaux hielden deze nacht nog lang in hun herinnering, want door die zwaveldamp bleven ze nog tijden last houden van hardnekkige niesbuien. De blokken arkose en kwarts rolden met het geluid van duizend donderbuien naar beneden. De grond van de Ardennen trilde. De lucht was vervuld van lawaai. Een zondvloed van stenen stortte met razend geweld de afgrond in....

Trillend en stom bleven op de top van de berg alleen nog wat restanten van het kasteel achter, in een vreemde chaos die nu, in de 21e eeuw, nog steeds de toeristen versteld doet staan en de archeologen vele hoofdbrekens kost.

 

Het was inderdaad een raar zicht die rotsen, maar wel mooi om een paar foto’s te trekken. We zijn daarna nog een tijdje verder gewandeld want er stond een pijn die een uitkijkpunt aangaf op zo een 500m wandelen. Het enige nadeel was dat het steeds bergaf ging en het wandelpad redelijk diep weggespoeld was door de overvloedige regen van vannacht. Het uitkijkpunt viel wat tegen vooral de bomen en struiken belette dat je ver kon kijken.
 

 

En nu terug naar boven naar de parking. Eenmaal terug aan de mobilhome zagen we nog net de Belgische camper wegrijden. Nu eerst wat eten en daarna de GPS ingesteld naar het volgende doel, ditmaal zouden we naar een punt gaan zodat we Monthermé en de lus in de Maas van bovenuit zouden zien. We parkeerden ons bij het begin van de weg naar “La Roche à Sept Heures” en wandelde zo verder, onderweg kwamen we verschillende picknicktafels tegen om dan aan te komen bij de rots zelf.

 

La Roche à Sept Heures
 

 

Na zo’n 700m wandelen kwamen we op een parking, waar zich ook een mobilhome bevond. Hier vertrok er een wandelweg die ons leidde naar verschillende uitzichtpunten die uitgaven op de Boucle de Monthermé. We volgden dit kronkelige pad eerst naar boven om dan na een tijdje terug te keren en zo verder langs het bospad naar beneden waar we dan ongeveer terug aan de mobilhome aankwamen.

 

 

Meer info

 

Dit was dan ook meteen onze laatste wandeling in het mooie dorpje Monthermé en maakten we ons klaar om naar Les Mazures en het Lac des Vieille Forges te rijden. We hadden gehoopt hier de verdere dag door te brengen en te overnachten, maar overnachten was hier niet toegestaan en camping was ook al niet open, dus dan maar een wandeling op de site bij de grote parking en camping. Het was hier heel rustig, dat zal in het zomerseizoen wel helemaal anders zijn.

 

 

Het werd tijd dat we een overnachtingplaatsje gingen opzoeken en zo reden we door naar Fumay ook langs de Maas gelegen. Hier troffen we een rustige camperplaats aan maar de ondergrond was hier dringend aan hernieuwing toe, hier mocht men gerust enkele camions laten komen met grind of zo want zelden een parking gezien met zoveel putten, we waren bijna zat van al de zigzag rijden vooraleer we ons langs de Maas konden zetten. Deze camperplaats was wel ideaal gelegen als je met de fiets langs de Maas wilde fietsen, de fietsroute “Voie Verte” passeerde hier voor de deur.

 

Donderdag 5 april 2012

De nachten werden al wat kouder en er hing nogal wat mist toen we wakker werden. We gingen duidelijk een mindere dag tegemoet, dus vertrokken we hier al snel richting Givet waar we hoopten en mooi plekje te vinden langs het water of op de camperplaats langs de camping. We reden eerst naar de vernieuwde camperplaats, eigenlijk een grote parking. Er stond helemaal niemand dus reden we maar terug naar de andere kant van de Maas waar we eens gingen kijken aan de Kerk, hier zou er plaats zijn voor zo’n drie campers. De parking voor de kerk en juist aan het water was pas opnieuw aangelegd en nodigde ons uit om te blijven staan, zouden we hier mogen overnachten eventueel, ik weet het niet maar denk het wel. Het was buiten kouder geworden en er stond een schrale wind, echt niet aangenaam om te wandelen. Maar nu we toch hier waren vertrokken we maar voor een verkennende wandeltocht door het stadje Givet. Er reden hier nogal wat auto’s op dit uur van de dag, verschillende politieagenten regelden het verkeer, maar voor de rest was er geen kat te zien. De terrasjes waren leeg de winkelstraatje verlaten, het is dan ook een korte wandeling geweest toen we terug bij de mobilhome aankwamen. Wat gaan we doen? Hier blijven zitten en door het raampje kijken naar de Maas of vertrekken? Het werd uiteindelijk toch vertrekken en zo reden we iets later de Belgische grens over naar nabije Lac de l’Eau d’Heure. Op de parking bij het Onthaalcentrum hadden we plaats zat en zette we ons bij de twee andere campers op de parking. Ondanks het buiten al frisjes begon te worden hebben we nog een lange wandeling langs het meer gedaan, tot aan de vakantiehuisjes en zo terug naar de cafetaria aan het Onthaalcentrum waar we de Chimay goed smaakte. Nog een paar foldertjes meegenomen aan de info en terug naar de camper waar we voor de eerste keer deze uitstap de verwarming moesten opzetten. Hier op de site hadden we ook draadloos internet dus tijd om eventjes te Skypen met het thuisfront, mails door te nemen, het nieuws bekijken en daarna met een goede fles wijn een filmpje meepikken.

 

 

Vrijdag 6 april 2012

Normaal waren we van plan om niet te laat te vertrekken en een bezoekje te brengen aan Dinant met zijn Citadel of de grotten. Maar omdat het weer helemaal omgeslagen was en de zon al heel vroeg van de partij was, besloten we om hier te blijven staan en pas in de namiddag naar huis te vertrekken. En zo werden de fietsen afgeladen en klaar gemaakt voor een rondrit langs het meer. We vertrokken zo ter hoogte van het Onthaalcentrum “la Plate Taille” en reden via een zeer mooi en breed fietspad langs het avonturenpark "Natura Parc" en de vakantiehuisjes, de zeilclub en dan een stukje langs de openbare weg de stuwdam over en dan richting parking. De fietstocht rond dit gedeelte van de Lacs de l’Eau d’Heure, eigenlijk de hoge kant “Lac de la Plate Taille” was ongeveer 13 km lang. Het was een heel mooie fietstocht geworden zo in het zonnetje, alleen jammer dat er nergens onderweg een terrasje te bespeuren viel. Of toch bij de zeilclub, maar die was niet open.

 

Folder Lac de l'Eau d'Heure

 

 

De Paasuitstap naderde zijn einde, dus de fietsen terug op de fietsendrager en klaarmaken voor vertrek naar het hopelijk zonnige Limburg.